16-06-06

PARLAN.DOC (11)

WAT DE TAAL DOET STRALEN DIMT


1.


De taal van vroeger was alles wat je moeder sprak. Onlosmakelijk bestonden de woorden uit wat je was. Een schoot, je enige etymologie!


De taal van nu moet je doorslikken. Je moet je erin uitdrukken met een slag, een stoot en een sneer. Aan de werkelijkheid heb je dat soort ontvankelijkheid (of is het onrust) te danken.


Met de taal van later valt niks te redden.


2.


In de taal van vroeger kon je vliegen. De grond was je vreemd. Vliegen kon je met al de woorden - al sprak je er nog niet één uit. Elk woord was toen nog een nooit eindigend, voor de hand liggend verhaal en zalig van zichzelf niet bewust.


In de taal van nu is het van bovenuit hard vallen door de mand tot op het bot van de grond.


In de taal van later duik je onder. Sprakeloos in het donker onder.


3.


In de taal van vroeger liet alles zich verklaren. Je had geen last van allerlei netelige vragen.


In de taal van nu blijf je klagen. Niets stilt je honger naar niet te beantwoorden vragen. Erop of eronder. Alle dagen.


In de taal van later is het te laat. Niemand stelt iemand nog vragen. Hoe dan ook, de antwoorden blijken zoek.


Uit: Verstekelingen/onderschrift 3 (Uitgeverij Groeninghe Kortrijk, 2006)
ISNB 90/77723/37-4.
Te verkrijgen bij de auteur.


Alain Delmotte


Met de rubriek 'PARLAN.DOC' wil Parlando! één Vlaamse dichter een maand lang speciale aandacht schenken. Elke week wordt minstens één bijdrage van hem verwacht.
Het PARLAN.DOC-archief is hiernaast na te gaan. De vorige gast Bart Vonck schoof Alain Delmotte naar voren. Dit is zijn tweede week.

11:05 Gepost door PARLANDO! | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.